En dan gaat het er niet meer over..

Uitgelicht

Ik zap aan het einde van de dag altijd even langs de verschillende zenders op TV. Zo kom ik dan ook langs bij CNN en blijf daar vaak ook even hangen. Ik kan niet helemaal terug halen wat het moment was dat het op die zender 24 uur per dag, 7 dagen per week, en dat gedurende langere tijd eigenlijk alleen maar ging over COVID-19 en hoe we wereld en de Verenigde Staten daar mee om gingen. Niet alle items waren voor mij altijd even begrijpelijk of boeiend, maar wat me bij is gebleven was de balk aan de rechterkant van het scherm, waarop 4 getallen werden getoond: Het aantal gerapporteerde besmettingen en het aantal overlijdensgevallen als gevolg van Corona wereldwijd, en het aantal besmettingen en het aantal overlijdensgevallen in de Verenigde Staten.

Wat me bij is gebleven is dat ik, zonder vooropgezet doel, de getallen van de dag probeerde te onthouden om ze daarna te vergelijken met de getallen van de vorige dag. Wat me bij is gebleven, los van de manier waarop verschillende regeringen in verschillende landen met de situatie omgingen, is het gevoel dat het bij mij opriep. Jemig, ze krijgen het daar, in de VS, wel voor de kiezen…

Ook in de wereld buiten CNN, gewoon in het dagelijks leven, ging het er over. Over de besmettingen en de sterfgevallen. Over anderhalve meter en mondkapjes. Over gezondheid en economie. Of je nu de TV aanzet en langs de Nederlandse zenders zapt, je kunt er bijna niet aan ontkomen. COVID-19 en alles wat daarbij hoort bepaalt ons leven.

En dan verandert plotseling het beeld. Vanaf 25 mei, van de ene op de andere dag, van het ene op het andere moment gaat het nauwelijks – en later zelfs gewoon niet – meer over over Corona, COVID-19, het aantal besmettingen, het aantal sterfgevallen, over de zoektocht naar het vaccin en verder alles wat daar mee te maken heeft. Plotseling gaat het op CNN alleen nog maar over George Floyd. En alles wat daar mee te maken heeft.

En in de wereld buiten CNN, gewoon in het dagelijks leven, gaat het daar ook over. Over de woede, de boosheid, over etnisch profileren. Over protesteren en plunderen. Of je nu luistert naar of deelneemt aan een gesprek, of je nu de TV aanzet en langs de Nederlandse zenders zapt, je kunt er bijna niet aan ontkomen. George Floyd en alles wat daarbij hoort bepaalt ons leven.

George Floyd is het nieuwe Corona.

Ik realiseer terdege dat ik een risicovolle weg wil bewandelen. The Slippery Slope. Ik realiseer me dat de mogelijkheid bestaat dat wat ik opschrijf niet bij iedereen in goede aarde kan vallen. Niet het risico aangaan zou een oplossing zijn. Maar het zou ook betekenen dat ik, liever dan het aan te gaan, er voor kies om weg te kijken. Het zou betekenen dat ik, liever dan het in zijn volle omvang te willen zien, er voor kies om te bagatelliseren. Het zou betekenen dat ik, liever dan me uit te spreken en te leiden, er voor kies om stil te blijven en te volgen. Voorlopig is dat een risico dat ik wil aangaan. Ik heb altijd de mogelijkheid om de risicovolle passages weg te laten, om het onderzoek waar ik zo behoefte aan heb – waarom doen we zoals we doen – niet publiekelijk aan te gaan. Ik heb altijd de mogelijkheid om deze blog uiteindelijk niet te posten.

Ik realiseer me ook dat aangaan én wegkijken, volledig willen zien én bagatelliseren, uitspreken én stil zijn, leiden én volgen, geen elkaar uitsluitende posities hoeven te zijn. Dat het heel goed zou kunnen dat ze er beiden zijn. Dat ze er allemaal kunnen zijn. Ik realiseer me ook dat het beiden toelaten niet the easy way out is. Het toelaten van beiden, het verbinden van twee schijnbaar tegengestelden, vraagt inspanning. Vraagt het toelaten van die andere positie – welke die ook is – die je liever niet zou zien, zou willen innemen, zou willen erkennen als deel van jou. Als deel van mij…

Onderzoeken is een doorgaand proces. Het is iets wat ergens begint en vanaf dat moment als een stroom verder gaat. Er is geen eindpunt. Geen moment dat het onderzoek afgerond is. Er is altijd nieuwe informatie. Er zijn altijd nieuwe inzichten. Iets over de bevindingen van het onderzoek zeggen is daarom ook niet meer dan het onderzoek even pauzeren, een schermafbeelding maken, en dan weer verder gaan. Het als het proberen iets te zeggen over een pijl die afgeschoten is. Op enig moment kan je daar de plaats van bepalen, maar niet de snelheid. Of de snelheid, maar niet de plaats. Zodra je stil gaat staan, weet je dat je de voortgaande beweging mist…

Er zijn van die momenten dat je plotseling diep ontroert bent of wordt. Zonder dat je het ziet aankomen stromen zonder ophouden de tranen over je wangen. Ik ken twee van die gebeurtenissen. De ene is het moment dat ik, een aantal weken voordat ik zou trouwen, in de auto op de radio plotseling Brief aan iemand die ik nooit heb gekend van Van Dik Hout hoorde. Het andere moment, ook in de auto, ook op de radio, Zie die Leeuwinnen van Claudia de Breij. Het ene over de liefde en de zorg voor een ander. De ander over het potentieel dat er is, kan en mag zijn.

Tijdens de momenten dat ik – bewust of onbewust – met het onderzoek bezig ben, of het onderzoek met mij bezig is, is er een derde gebeurtenis. En weer stromen de tranen over mijn wangen. Niet om de liefde en de zorg. Niet om het potentieel. Maar om de angst. Om de angst dat het maken van het onderscheid, de be- en veroordeling op grond van ras, kleur, achtergrond, historie, geloof óók in mij is.

Wat ik me realiseer is dat de boosheid, de woede, de roep om verandering, zowel in de Verenigde Staten als wereldwijd, vooral gericht is op de politie, op Law & Order en op de mensen en instanties die verantwoordelijk worden gehouden voor de dood van George Floyd. Ze gaan niet of nauwelijks over de vraag wat het is dat dit mogelijk heeft gemaakt. Het gaat niet of nauwelijks over mij. Tot dat – althans in Nederland – Mark Rutte, tijdens een van zijn persconferenties zichzelf in de ogen lijkt te kijken…

Niet alleen de Verenigde Staten, maar ook Nederland kent “systemische problemen” met racisme en discriminatie. “Dit is niet alleen een Amerikaans fenomeen”, zei premier Mark Rutte dinsdag 2 juni in reactie op de antiracismedemonstraties. Systemisch, als in: verschillende lagen rakend, bewust en onbewust, verbonden (hoewel het afgescheiden lijkt te zijn…) in een lange historie.

Ook CNN benoemt dat wat zich nu toont systemisch: The death of George Floyd in the latest example of police brutality has drawn tens of thousands of people onto the streets and caused some Americans to launch a fresh appraisal of the systemic racism and bias black Americans experience in this country.

En omdat ik onderdeel ben van het systeem, ben ik ook onderdeel van het probleem. Op het moment dat ik dat zie en voel, stromen de tranen over mijn wangen. Niet uit verdriet. Maar uit angst. En met de vraag: Is de angst voor mijn racisme de zelfde angst voor mijn corona?

Wordt vervolgd?

Rik Konincks

Zoon | Vader | Grootvader | Schoonvader | Echtgenoot

Blogger | Trainer | Coach | Master Opsteller |

Begeleider van en Zorgverlener voor ouderen

Houden van Onzekerheid

Een van de eerste uitspraken in tijden van corona die me nog steeds in bijgebleven was er een van Minister-President Mark Rutte. Op een van zijn persconferenties zei hij dat hij en met hem het kabinet 100% van de beslissingen moesten nemen met 50% van de informatie.

Hoe ongemakkelijk het ook voelt, het is ook stoer. Stoer om te weten en toe te geven dat je het niet weet. Niet als uitvlucht. Niet om iets recht te praten wat krom is. Maar in het aangezicht van wat is, toe te geven dat je het niet weet.

Ik hou van die onzekerheid.

In een eerdere blog die ik schreef rond, over en in tijden van corona, verhaalde ik over hoe ongemakkelijk het is om te moeten dealen met onzekerheid. Liever een onjuiste zekerheid dan niet weten hoe het zit. Het zijn persoonlijke verhalen, en ik durf me op geen enkele manier op het zelfde niveau te plaatsen als Mark Rutte voor me, of anderen in deze blog na me.

Maar ik hou wél van die onzekerheid.

Er zijn maar weinig mensen die kunnen leven met die onzekerheid, en dat dan ook nog eens hardop durven te zeggen (of schrijven). Socrates (469 – 399 voor Christus) was er zo een. Het enige wat ik zeker weet, is dat ik niks weet. Door middel van dit wetend-niet-weten probeert hij de waarheid zo dicht mogelijk te benaderen. Deze methode wordt ook wel socratische ironie genoemd.

Hoe ongemakkelijk het ook voelt, het is ook stoer. Stoer om te weten en toe te geven dat je het niet weet. Niet als uitvlucht. Niet om iets recht te praten wat krom is. Maar in het aangezicht van wat is, toe te geven dat je het niet weet.

Ik hou van die onzekerheid.

Twee-en-een-half-duizend jaar later staat er weer zo’n groot mens op. Die in weerwil van wat mensen om hem heen graag willen, midden in de publieke arena, en tussen de haaien van links en rechts, steeds blijft herhalen dat hij het niet weet. Dr. Anthony Fauci: I am very careful, and hopefully humble in knowing that I don’t know everything about this disease. (Ik ben heel voorzichtig en hopelijk nederig in de wetenschap dat ik niet alles weet over deze ziekte.)

Hoe ongemakkelijk het ook is, het is ook stoer. Stoer om te weten en toe te geven dat je het niet weet. Niet als uitvlucht. Niet om iets recht te praten wat krom is. Maar in het aangezicht van wat is, toe te geven dat je het niet weet.

Ik hou van die onzekerheid.

Natuurlijk vind ook ik het fijn als iemand mij de zo gewenste zekerheid geeft en de zo gevreesde onzekerheid wegneemt. Maar ik ken ook de gevolgen van schijnzekerheid. En hoe onprettig het is om te moeten constateren dat iemand je iets verteld wat achteraf gewoon niet waar blijkt te zijn. En hoe gevaarlijk het is om op basis van geweten-schijnzekerheid beslissingen te nemen.

Als je niet weet of iets waar is, maar doet alsof je dat wel weet, is dat dan niet gewoon liegen?

Ik hou wel van onzekerheid. Ik hou niet van liegen.

Rik Konincks

Zoon | Vader | Grootvader | Schoonvader | Echtgenoot

Blogger | Trainer | Coach | Master Opsteller |

Begeleider van en Zorgverlener voor ouderen

Just a few questions on the Prorogation of Parliament from a Systemic Perspective

I wondered…

Yesterday, when coming home after work, I saw a news item. It’s was all about Brexit. The Prime minisiter said it had nothing to do with Brexit. I wondered what happened, what was happening, what is happening. A day later, I still wonder…

Has the government of the UK sent the Parliament home, with the Queen’s approval …

Or

Has the UK Parliament let itself been sent home by the government, with the approval of the Queen …

Or

Has the UK Parliament asked the government to sent her home, with the Queen’s approval?

I wonder…

After wondering come the questions…

The, after wondering, the questions come. As I’m into Systemic Work, I have some Systemic Questions (I have lot’s of more questions, but I write about them some other time).

  • Who takes which place?
    • In a family, everybody has it’s own place. It’s about the relation between the father and the son, the parents and the children, and so on. The same goes in organizations. And in a Democracy the same principle goes. So the question is who comes first? First the Government and the the Parliament? Or the other way around? And what happens when the order is mixed up?
  • What is the (systemic) function of a Parliament?
    • All things that exist have a function. If there is no function it either does not exist, or is seizes to exist. In a system (a family or an organization) the same goes. The question is what the systemic function of a Parliament is. Why does it exist?
  • Could a Democracy have reached it’s destination?
    • Nothing is for eternity. Everything is there for a certain amount of time. Things move towards there destination. And when this destination is reached, the – systemic – function of a system seizes to exist. In this case, the question could be asked if a Democracy can reach it’s destination? Is the prorogation of parliament a signal for Democracy having reached it’s destination?

Just some questions on a normal (?) Wednesday …

Vragen op een doordeweekse woensdag…

Het Parlement van het VK is door de regering met goedkeuring van de koningin naar huis gestuurd

Of

Het Parlement van het VK heeft zich door de regering met goedkeuring van de koningin naar huis laten sturen

Of

Het Parlement van het VK heeft de regering gevraagd om met goedkeuring van de koningin naar huis te worden gestuurd.

Wie neemt welke plaats in? Wat is de systemische functie van een Parlement? Kan een Democratie zijn bestemming bereikt hebben?

Zomaar wat vragen op een doordeweekse woensdag…

Voor wie ik lief heb, wil ik heten

Vrijdag 15 maart 2019. Aanslag in Christchurch. Een paar dagen later een aanslag in Utrecht. Zoals heel veel mensen raken ook mij de gebeurtenissen. Wat me ook raakte was een artikel in the Guardian van afgelopen maandag waarin een verslag werd gedaan van een toespraak van premier mevrouw Jacinda Ardern, voor het parlement van Nieuw Zeeland. “I will render the person accused over the Christchurch terrorist attack “nameless” and urge the public to speak the victims’ names instead.

Image result for jacinda ardernGedurende de dagen daarna heb ik me afgevraagd wat het was dat me zo raakte in de toespraak naar aanleiding van de aanslag in Christchurch. Ik kwam tot de ontdekking dat we – ik – vaak wel de namen kennen van zij die de aanslagen plegen, de moorden voltrekken, de misdrijven begaan, maar niet of nauwelijks de namen kennen van de slachtoffers. Jacinda Ardern legde de vinger op mijn zere plek.

Uit oogpunt van privacy en piëteit noemen we óók naar aanleiding van de gebeurtenissen in Utrecht niet de namen van de slachtoffers, maar weten we wel de naam van de dader te noemen. Maar daarmee kennen we de slachtoffers ook niet. Althans niet op dezelfde manier als we de daders kennen. In die zin kan ik me vinden in de oproep van Arden “to speak the victims’ names…”

Maar toch, het wringt. En net als ik me eerder de vraag stelde wat het was dat me raakte in de toespraak van Ardern, stel ik me nu de vraag wat het is dat wringt. Ik probeer “hard op” te denken en te onderzoeken.

Daders en Slachtoffers, ze horen bij elkaar

Een paar jaar geleden was ik aanwezig bij een onderzoeks-bijeenkomst waar gekeken werd naar de verbanden tussen – in overdrachtelijke zin – roofdieren en prooidieren. Twee posities die, in relatie tot elkaar, onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden. Zonder roofdieren bestaan geen prooidieren. Zonder prooidieren bestaan geen roofdieren. De relatie met daders en slachtoffers ligt voor de hand. Ook deze twee posities zijn onlosmakelijk verbonden. De een kan niet zonder de ander.

Langzaam wordt duidelijk waar en waarom het wringt…

Render the person accused nameless

Wanneer ik de dader – the person accused – zijn naam onthoudt, hem “doodzwijg”, ontken ik dan daarmee ook de dader? En als dat zo is, ontneem ik dan daarmee ook de slachtoffers dat wat van hen is en bij hen hoort? Dat wat ze al eerder is afgenomen? Ontneem ik ze het leven? Het potentieel dat er was, maar nu is afgesneden? Word ik daarmee dan ook dader?

En dat is waar het bij mij wringt…

Geef de keizer wat des keizers is

In de toespraak van Ardern roept ze op om te spreken over de slachtoffers. Met naam en toenaam. Ze geeft aansprekende voorbeelden, waarvan ik er een hier wil noemen. “She also mentioned Haji-Daoud Nabi, 71, who was shot dead after opening the doors of the mosque and saying: “Hello, brother”.

“He had no idea of the hate that sat behind that door,” Ardern said. “But his welcome tells us so much – that he was a member of a faith that welcomed all its members, that showed openness and care.”

Ik deel haar oproep.

Maar ik deel liever niet het andere deel van de oproep. Om de – voorlopige – dader(s) hun naam te onthouden of af te nemen. Ze dood te zwijgen. Om ze het recht te af te nemen te leven, wat ze zelf eerder anderen hebben afgenomen. En om ook de slachtoffers dat te laten zijn, en ze ook niet dat af te nemen.

Voor wie ik lief heb, wil ik heten…

Vanmiddag herinnerde ik met het gedicht van Neetje Maria Min. Voor mij – heel erg – passend bij dat wat nu is.

Mijn moeder is mijn naam vergeten,
mijn kind weet nog niet hoe ik heet.
Hoe moet ik mij geborgen weten?

Noem mij, bevestig mijn bestaan,
laat mijn naam zijn als een keten.
Noem mij, noem mij, spreek mij aan,
o, noem mij bij mijn diepste naam.

Voor wie ik liefheb, wil ik heten.

Neeltje Maria Min (1944)

 

Rik Konincks
Zoon | Vader | Echtgenoot
Consultant | Trainer | Coach | Opsteller | Mantel- en Postbe-zorger
Nocturlabium | Systemisch Bekeken | Bijzondere Gesprekken

Simpel en toch niet eenvoudig…

Vandaag kwam ik op LinkedIn een bericht tegen waarin iemand zich aanbood om het “het leven simpel te maken”. Ik bladerde verder door mijn tijdlijn en kwam verderop nog een vergelijkbaar aanbod tegen. Iemand die het bijzondere vermogen bezit om alles wat ingewikkeld is eenvoudig te maken. In dit geval met plaatjes. Want “een plaatje zegt meer dan 1000 woorden”, toch?

Die berichten werken bij mij als een oorworm. Je kent ze wel, van die melodietjes die je niet buitengewoon bijzonder vindt, maar die je de hele dag blijft horen en waar je niet vanaf komt. Ik heb dat soms ook met berichten die ik ergens lees. In dit geval de berichtjes die gaan over het leven en alles wat daar bij hoort simpel en eenvoudig te maken. Met plaatjes.

Het leven simpel maken. Met plaatjes. Ik denk dat het soms een prima idee is om te kijken of we dat wat ingewikkeld is niet wat eenvoudiger kunnen maken. Daar is helemaal niets mis mee. Sterker nog, we maken het leven en alles wat daarbij hoort soms ook wel onnodig ingewikkeld.

Maar toch wringt het ook een beetje. Alles simpel en eenvoudig willen maken doet niet altijd recht aan de werkelijkheid. De werkelijkheid dat het niet altijd simpel en eenvoudig is. Soms zijn de dingen gewoon ingewikkeld. Complex. Zijn er heel veel lagen te ontdekken, en nog veel meer aspecten die wel van invloed zijn maar die we gewoon niet zien, niet kunnen zien, of niet willen zien.

Een paar voorbeelden?

Image result for files

Files. Een probleem wat we allemaal kennen, waar we allemaal wel eens last van hebben en een verschijnsel waar we liever niet mee worden geconfronteert. Tamelijk duidelijk. Ingewikkelder wordt het als we het probleem willen oplossen. Want dan krijgen we te maken met allerlei verschillende belangen en verschillende standpunten. Twee uitersten lijken het milieu (een gezamenlijk belang) aan de ene kant en de kosten (een persoonlijk belang). En als je die twee tegen elkaar wilt afwegen, dan komen er – voor je het weet – nog allerlei andere aspecten, belangen en standpunten om de hoek kijken, die ook een rol spelen. Als je ze wilt zien. Kortom, files zijn niet eendimensionaal en zijn niet eenvoudig. Wat wel eenvoudig is, is de stelling aanhangen dat het wel eenvoudig is. Maar dat is ontkennen van de werkelijkheid.

Image result for gezondheid

Gezondheidszorg. Ook zo’n verschijnsel waar we allemaal mee te maken hebben. Of omdat we “ziek” zijn en daar vanaf willen. Of omdat we er voor moeten betalen en de prijs te hoog vinden. Of omdat het ons werk is, en dat werk als gevolg van economische aspecten onder druk staat. En zo kan ik nog wel even verder gaan. Links om of rechtsom hebben we er allemaal mee te maken. En het iedereen naar de zin maken is niet eenvoudig. Ook al doen sommige mensen, organisaties of politieke partijen het voorkomen dat dat wel tot de mogelijkheden zou behoren.

Image result for immigratie

Immigratie. Een onderwerp waar we ook allemaal wel wat van vinden. Of het nu gaat om het AZC dat in de eigen gemeente bestaat, de asielzoekers die woonruimte zoeken of het gevoel van onveiligheid dat het onderwerp in meer of mindere mate met zich mee brengt. Het is geen eenvoudig vraagstuk, het kent heel veel verschillende invalshoeken en verschillende lagen. En als we het een probleem zouden vinden, dan is de oplossing ook niet altijd eenvoudig. Versimpelen van het vraagstuk doet naar mijn gevoel geen recht aan de complexiteit van de werkelijkheid.

Wat al deze vraagstukken gemeenschappelijk hebben is dat ze “onoplosbaar zijn” als we niet een gezamenlijk – moreel – uitgangspunt kunnen innemen. Als vertrek. Gisteravond zag ik een opinieprogramma waarin Gert-Jan Segers sprak over het vraagstuk hoe om te gaan met de oorlog in Jemen, de rol die Saoedie-Arabie daarin speelt, en de zakelijke belangen die Nederland in de regio heeft. Geen eenvoudig vraagstuk, want welke keuze je ook maakt, het heeft altijd gevolgen. Wat Segers deed was “orde in de chaos” brengen. Hij begon te erkennen dat het vraagstuk ingewikkeld was. Dat het veel verschillende aspecten kenden, veel verschillende lagen, veel verschillende belangen. wat hij daarna deed was ordening aanbrengen. Zeggen wat naar zijn idee op de eerste plaats zou moeten komen. In dit geval: Veiligheid. Wat Segers deed was een Leidend Beginsel geven.

“Het leidend principe is antwoord op de vraag: Wat in de kern zijn we?”, aldus Jan Jacob Stam in zijn boek Vleugels voor Verandering. Het gaat om iets dat hét kenmerk is van een organisatie en daarom uiterst belangrijk is in haar voortbestaan, in wat ze doet en in wat de buitenwereld daarvan merkt. Soms is er sprake van enkele leidende principes. De organisatie die daar niet van bovenaf heldere ordening in aanbrengt kenmerkt zich doorgaans door conflicten over de vraag: waar zijn wij nou eigenlijk voor?

Heb je zo’n leidend beginsel, dan wordt het daarna een stuk eenvoudiger. We versimpelen het vraagstuk niet onterecht, want wat complex is wordt niet eenvoudig door het aanbrengen van zo’n uitgangspunt. Maar wat het wel doet is een leidraad bieden voor het zoeken naar een oplossing.

Ik vind zo’n leidend beginsel een prettig idee.

Rik Konincks
Zoon | Vader | Echtgenoot
Consultant | Trainer | Coach | Opsteller | Mantel- en Postbe-zorger
Nocturlabium | Systemisch Bekeken | Bijzondere Gesprekken

Je Geld of Mijn Leven. Mag dat? Kan dat?

Een paar dagen geleden zond de EO een programma uit onder de titel Je Geld of Mijn Leven. Zonder het programma en de mensen die het betreft werkelijk recht te doen, ging het in dat programma om een crowdfundingsactie om voor 4 mensen geld bij elkaar te brengen voor een behandeling die niet in Nederland beschikbaar is, maar wel in het buitenland en tegen forse kosten. Op het moment dat ik deze blog schrijf, 2 dagen na de uitzending, zijn inmiddels 2 van de 4 doelen gehaald. De resterende 2 crowdfundingsacties staan nog open. 

Het programma, dat ook een item was in DWDD aan het begin van de avond, houdt me al een paar dagen in een soort wurggreep. En de kern van die wurggreep, die gijzeling, is de vraag wat ik er eigenlijk van vind. Kan en mag ik het niks vinden? Kan en mag ik bewust besluiten niet deel te nemen aan de actie? Of is dat politiek en menselijk niet correct?

Hieronder zo wat van mijn overwegingen…

Binnenland en Buitenland

Het zorgverzekeringsbestel zoals we dat in Nederland kennen is gebaseerd op de Nederlandse situatie. In de zorgverzekeringen nemen we de elementen op waarvan we, op democratische wijze gestoeld, samen vinden dat die voor een gezamenlijke vergoeding in aanmerking komen. Iedereen levert zijn bijdrage, en dan heeft ook iedereen “recht op zorg”. In de regels, waar we gezamenlijk voor verantwoordelijk zijn, hebben we vastgelegd dat de kosten niet voor (gezamenlijke) vergoeding in aanmerking komen wanneer een buitenlandse reis wordt gemaakt met als doel het ondergaan van een medische behandeling. In de situaties die in het programma aan de orde zijn worden buitenlandse reizen voorzien met als doel het ondergaan van een medische behandeling. Geen vergoeding dus. Maar is er in een globale wereld nog wel sprake van binnenland en buitenland?

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Publiek en Privaat geld

Het staat iedereen natuurlijk vrij om dan de kosten zelf te dragen. De een koopt een TV, de ander koopt zijn gezondheid. Waar het bij mij wringt is echter de ondersteuning van mensen, die blijkbaar niet in staat zijn om de kosten zelf te dragen, door de publieke omroep en met publiek geld.

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Een, twee, veel

Waar de schoen ook wringt is de keuze van 4 mensen. Waarom niet 2 of 5? Of 17? Er zijn veel meer mensen waarvoor geldt dat er in Nederland geen behandeling (meer) mogelijk is, maar wel in het buitenland. Zijn de 4 mensen die de EO heeft geselecteerd – vergeef me de woordkeus – zieliger? Of media-genieker? Passen zij in het wereldbeeld van de EO? En anderen niet? Heeft de EO ook nagedacht over mensen met een andere huiskleur? Een andere politieke of etnische achtergrond? Een andere sexuele geaardheid?

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Bewust of zomaar

En het wringt nog even door. Waarom zijn de behandelingen die wél in het buitenland beschikbaar zijn, maar (nog) niet in Nederland, dat (nog) niet in Nederland? Is dat wellicht omdat de behandelingen nog in een experimenteel stadium zijn? Weten we al wat de effecten van deze behandelingen op de langere termijn zijn? Ik veronderstel dat deze behandelingen (en zo zijn er nog meer) niet of nog niet in het pakket van zorgverzekeringen is opgenomen met een goede reden, en niet zomaar.

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Een voor allen, allen voor een

Er is een flinke hoop geld beschikbaar als je de mensen een gezicht geeft. Voor 1 van de mensen die onderwerp zijn van het programma wordt gezocht naar € 205.000. Binnen 2 dagen is dat bedrag bereikt. Voor een ander wordt € 90.000 gevraagd. Ook binnen 2 dagen regeld. Voor nummer 3 zoekt men naar € 196.000 waarvan al € 140.000 binnen is. Voor nummer 4 gaat het om € 107.000 waarvan de teller staat op € 87.000. Bij elkaar zoekt het programma, voor 4 mensen naar ongeveer € 600.000. En “as we speak” is daarvan bijna 90% binnen. Na 2 dagen.

En op het zelfde moment klagen we steen en been over de stijging van de kosten van de gezondheidszorg. Vinden we het niet kunnen dat de premies voor de zorgverzekeringen volgend jaar weer omhoog gaan. Vinden we er wat van als een zorgverzekeraar besluit om een aantal behandeling uit het pakket te verwijderen omdat er mensen zijn die niet willen meebetalen aan een behandeling waar ze niet in geloven. Waarom kunnen we niet alle met de 4 “onderwerpen” van het programma zoals we die in Nederland kennen “gewoon” onder de dekking van de zorgverzekeringen laten vallen? Als we zonder blikken of blozen in 2 dagen tijd 4 mensen kunnen helpen, dan moet het toch mogelijk zijn om dat voor veel meer mensen te doen?

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Regulier of Alternatief

En nu we het daar toch over hebben, hoe zouden we het vinden als we een crowdfundingsactie op poten zetten om iemand een behandeling “doormiddel van “rebirthing” te laten ondergaan. Los van wat ik daar van vind, het is een behandeling waar misschien wel vinden mensen vinden dat dat maar onzin is. Zijn wij zo goed geinformeerd dat we van alle behandelingen kunnen vaststellen of dat zinvol of niet is? En als ik dat dan niet zinvol vind, past mijn zorgverzekeraar dan ook mijn premie aan en hoef ik daar niet de solidariteitsbijdrage (de basis van iedere verzekering) voor te betalen?

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Leven en Dood

Mij bekruipt me het gevoel dat we het leven en alles wat daarbij hoort, reduceren tot geld. Tot een bedrag. Een bedrag dat hoger of lager is. Dat we individueel wel of niet kunnen opbrengen. Maar we gaan voorbij aan dat wat óók bij het leven hoort. Dood gaan. Waarom geven we wél (veel) geld uit aan één deel van het leven, maar doen we dat niet of veel minder makkelijk met dat andere deel. Waarom organiseren we wél crowfundingsacties voor 4 mensen met als doel het leven te verlengen of de kwaliteit van leven – “whatever that might be” –  te verhogen en doen we dat niet voor mensen waarvan het leven voltooid is, het lijden ondraaglijk, of gewoon omdat dat we wens van iemand is.

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Kerstboom en Kalkoen

Uiteindelijk gaat het steeds over het maken van keuzes. Kies ik voor dit (een nieuwe auto, een nieuwe TV, een grotere kerstboom, een hele kalkoen) of kies ik voor dat (de zorg voor anderen, de zorg voor mijn naasten, de zorg voor vrede en veiligheid). Over die keuzes, over de vraag waarom ik ze zo maak en iemand anders een ander pad in slaat, daar zou ik het de komende donkere dagen voor kerstmis wel eens met elkaar over willen hebben. Om vanuit “intrinsieke nieuwsgierigheid” te leren en te luisteren van en naar anderen. Om in tijden van duisternis en donkerte wat licht te laten schijnen. Zonder de andere mening neer te sabelen, te verketteren, af te doen als onzin.

Moeilijke gesprekken (niet) uit de weg gaan

Heather Plett schreef hierover “The capacity for having difficult conversations may be the most crucial competency we need in the world right now. I don’t know how else we’ll get past these huge challenges unless people with the emotional intelligence to be in messy conversations (without needing to defend their wounded emotions and/or claim power over others) step forward and lead the way. And by lead, I don’t mean a power-based leadership model, but rather one of humility and consciousness.”

“Het vermogen om moeilijke gesprekken te voeren, is misschien wel de meest cruciale competentie die we op dit moment nodig hebben. Ik weet niet hoe we anders voorbij deze enorme uitdagingen komen tenzij mensen met de emotionele intelligentie in rommelige gesprekken zitten (zonder hun gewonde emoties te hoeven verdedigen en/of macht over anderen te claimen) vooruit stappen en ze de weg leiden. En met leiden bedoel ik niet een op macht gebaseerd leiderschapsmodel, maar eerder een van nederigheid en bewustzijn.”

Misschien nog wat aan de vroege kant, maar desalniettemin: Ik wens iedereen fijne feestdagen, en een heel goed 2019.

Rik Konincks
Zoon | Vader | Echtgenoot
Consultant | Trainer | Coach | Opsteller | Postbezorger
Nocturlabium | Systemisch Bekeken | Bijzondere Gesprekken

Geachte heer Dijkhoff, beste Klaas…

Ik neem aan dat je, als fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer regelmatig brieven, mails of andersoortige reacties krijgt naar aanleiding van de (politieke) actualiteit, persoonlijke gebeurtenissen van mensen of gewoon om hele andere redenen. Ik neem ook aan dat die brieven etc. niet alleen komen van mensen van soortgelijke politieke overtuiging, maar ook van mensen van een hele andere politieke signatuur. Of misschien wel van mensen die zonder politieke overtuiging toch van mening zijn dat ze naar jou in de pen moeten klimmen. Ik schaar mijzelf ergens tussen categorie twee en drie.

Aanleiding om te schrijven is de actuele maatschappelijke discussie rond het rijks vaccinatiprogramma, de soms hoog oplopende meningsverschillen tussen voor- en tegenstanders, en het idee om na te gaan of het mogelijk is om vaccinatie te verplichten of, indien dat niet tot de mogelijkheden behoort, aan niet-vaccineerders de kinderbijslag geheel of gedeeltelijk te onthouden.

In het licht van die discussie schreef je op 23 augustus j.l. een post op Facebook. De post is helder en geeft voor mij duidelijk aan wat de redenering is die je volgt om te vinden wat je vindt en voor te stellen welke vervolgstappen we zouden kunnen of moeten nemen. Naar aanleiding van die post heb ik een paar vragen en ik zou het op prijs stellen als je de tijd zou willen nemen om, wat mij betreft in de openbaarheid, die vragen te willen beantwoorden.

Laat ik overigens beginnen te melden dat ik géén tegenstander van het rijksvaccinatieprogramma ben. Ik ben wél een voorstander van een transparante en open discussie. Iets waarvan ik aanneem dat jij dat ook bent.

“Als 95% of meer van ons ingeënt is, dan zitten we goed. Als we daaronder zitten is dat niet alleen gevaarlijk voor de kinderen die niet ingeënt zijn, maar zelfs voor de kinderen die wel hun liefdevolle beschermende prik hebben gekregen.”

Als gevolg van de woorden die je hebt gebruikt staat hier dat de liefde van ouders zich kenmerkt door het geven van de beschermende prik, door deel te nemen aan het rijksvaccinatieprogramma. Zeg je hiermee ook het omgekeerde? Dat ouders die hun kinderen niet die beschermende prik geven of deelnemen aan de vaccinatieprogramma (dus) niet van hun kinderen houden? Ik denk dat je dat niet hebt bedoeld te zeggen. Ik denk dat je hebt bedoeld te zeggen dat de ouders die hun kinderen de prik hebben laten geven dat hebben gedaan omdat ze het beste met hun kinderen voor hebben. Ik denk óók dat ouders die, om wat voor redenen dan ook, besloten hebben om hun kinderen niet te laten inenten dat óók doen omdat ze het beste met hun kinderen voor hebben. Ik kan me niet voorstellen dat die ouders dat zouden doen om hun kinderen te schaden.

We vinden de liefde van ouders voor hun kinderen zó belangrijk en fundamenteel (en overigens niet alleen in Nederland) dat we in de Rechten van de Mens het recht hebben opgenomen van ouders om voor hun kinderen te zorgen, en van kinderen om bij en onder primaire verantwoordelijkheid van hun ouders op te mogen groeien. Omdat principieel de ouders het beste voor hebben met hun kinderen. Dat de uitingen daarvan verschillend zijn is natuurlijk waar en komt voort uit een verschillende achtergrond en een verschillende overtuiging. Maar het principe is er niet anders om: Ik hou van je en heb het beste met je voor.

Vaccinatiegraad of Immuniteitsgraad

Dan heb ik nog een vraag over het genoemde percentage. En overigens gaat het me dan niet om het percentage, maar wel over de betekenis ervan. Op de website van het RIVM lees ik het volgende: “Hoe meer mensen immuun zijn voor een bepaalde ziekte, hoe kleiner de kans op verspreiding”. En “Je wordt immuun … door de ziekte te krijgen of door gevaccineerd te worden.”

1-Rijksinstituut-voor-Volksgezondheid-en-Milieu-RIVM-1Dus volgens het RIVM is het belangrijk dat zoveel mogelijk (het liefst 100%) mensen immuun zijn. Als we het voor elkaar zouden krijgen om 100% van de mensen te vaccineren, dan is iedereen immuun en is de kans op verspreiding nihil. Mooi!

Wat vind je van de – van het RIVM afgeleide – redenering dat 100% immuniteit ook kan worden bereikt door 80% vaccinatie en 20% mensen die de ziekte hebben doorgemaakt?

Als ook die redenering klopt (en waarom zouden we twijfelen aan publicaties van het RIVM?), dan zit het gevaar in de hoek van de mensen die niet zijn gevaccineerd en die ook niet de ziekte hebben doorgemaakt. Want alleen die kunnen voor verdere verspreiding zorgen. Overigens, zodra die niet-immune mensen de ziekte onder de leden krijgen maken ze daarmee de ziekte door en dragen daarmee bij aan het verhogen van de immuniteitsgraad. Ook mooi!

Kortom, wat vind je van het idee om niet in te zetten op het verhogen van de vaccinatiegraad, maar op het verhogen van de immuniteitsgraad? Dan snijdt het mes aan twee kanten. Én de veiligheid wordt bevorderd en minder mensen lopen de kans om besmet te raken en de ziekte door te geven, én iedereen is vrij om naar eigen eer en geweten dat te doen wat het beste voor hun kinderen is. Omdat welke keuze mensen ook maken, ze dat altijd doen omdat ze het beste met hun kinderen voor hebben.

Ik ben blij dat je (en je partij) moeite heeft met deelname aan het vaccinatieprogramma te verplichten. Ik heb dat ook. Ik snap de insteek die je schrijft om fors te investeren in PR en het belang goed uit te leggen. Ik denk dat ik dat ook een goed idee vind. Als we dan maar “eerlijk en transparant” zijn over de boodschap die we willen uitdragen…

  • dat doel (het verhogen van de immuniteitsgraad) en middel (het vaccinatieprogramma) niet het zelfde zijn;
  • dat het belangrijker is om te werken aan de immuniteitsgraad dan aan de vaccinatiegraad;
  • dat het belangrijk is om te realiseren dat ouders – per definitie – het beste met hun kinderen voor hebben;
  • dat het beste met je kinderen voor hebben voor verschillende mensen, met verschillende achtergronden en overtuigingen, ook verschillende uitingen kan hebben; en dat dat oké is

In afwachting van je reactie,

 

Rik Konincks

Zoon | Vader | Consultant | Trainer | Coach | Constellator

Nocturlabium | Systemisch Bekeken | Bijzondere Gesprekken

 

Onschuldig tot het tegendeel is bewezen…

Het heeft even geduurd, voordat ik in staat was te reageren. Te reageren op het nieuws dat er sprake is van een doorbraak in het onderzoek naar de dood van Nicky Verstappen. Wat me over de streep heeft geholpen was de voorpagina van het Algemeen Dagblad van 23 augustus: De Jacht op Jos Brech. En daarna doet het RTL Nieuws daar nog een schepje bovenop: De klopjacht op Jos Brech is geopend.

Laat ik vooral duidelijk zijn, dat de dood van Nicky Verstappen iets vreselijks is, en dat er al het mogelijke gedaan moet worden om te achterhalen wat er is gebeurd, wie verantwoordelijk is voor zijn dood, en dat dat dader die straf moet krijgen die daarvoor in het Wetboek van Strafrecht is vastgesteld. Want het recht moet zijn loop hebben.

Waar ik echter moeite mee heb, is de taal die door de media nu wordt gebruikt. Ja, er zijn aanwijzingen dat een mogelijke verdachte door DNA-onderzoek is gevonden. De persoon in kwestie is verdachte. En het is in het belang van het onderzoek dat de verdachte zo snel mogelijk wordt gevonden, om het onderzoek verder te laten gaan, en de vragen te kunnen beantwoorden.

Maar de verdachte is nog geen schuldige. We kennen in Nederland een prachtig beginsel dat iemand onschuldig is, tot het tegendeel is bewezen. En niet andersom. En daarbij hoort ook dat een verdachte zichzelf niet hoeft te beschuldigen. Daar hebben we in Nederland het Openbaar Ministerie voor. Door breed en groot op de voorpagina van een krant De Jacht te vermelden, door in het nieuws te spreken over de klopjacht die is geopend, zijn we een grens overgegaan. Er heeft een omkering van het uitgangspunt plaats gevonden. Jos Brech is schuldig, en hij moet aantonen dat hij dat niet is.

Het zou heel goed kunnen dat de verdachte Jos Brech verdachte straks ook de dader zal blijken te zijn. Maar tot dat moment is hij “slechts” verdachte.

Het zou ook kunnen dat de (klop)jacht op Jos Brech uit de hand loopt, dat de publieke opinie ertoe leidt dat “eigenrechter” wordt gespeeld, of dat onder de druk van de publieke opinie Jos Brech geen uitweg meer ziet, en een eind aan zijn leven maakt. In beide gevallen…

  • kunnen vragen die er zijn niet (meer) worden beantwoord
  • kan het recht niet meer zijn loop hebben (want een dode kan niet worden berecht)

Wat ons te doen staat…

Wat ons in deze situatie te doen staat, is kalmte bewaren.

Wat ons te doen staat, is respect te hebben voor de rechtstaat die ons land bijzonder maakt. Is te herinneren dat we het Openbaar Ministerie hebben, die belast is met opsporing en onderzoek, de advocatuur die tot taak heeft iedereen te verdedigen die dat nodig heeft, en de rechter die de taak heeft te wikken, te wegen en te oordelen.

Wat ons te doen staat, is respect te hebben voor de slachtoffers, de verdachten én de daders. En te doen wat daar nodig is, én te laten wat niet aan ons is om te doen.

Wat ons te doen staat, is zorgvuldig te zijn in de woorden die we gebruiken. Is te herinneren dat het aan de rechter is om te oordelen.

Want het zijn al die dingen, die ons ons bijzonder maken.

Update 27 augustus (1): Nu de verdachte in Spanje is aangehouden gaat de pers door met de verslaggeving. De Telegraaf spreekt van “in de kraag gevat” (wat ik begrijp, want dat is nou eenmaal de stijl van de Telegraaf – schuldig tot het tegendeel is bewezen) terwijl de NOS is overgegaan op “Jos B.” (wat ik netjes vind, maar waarvan ik niet begrijp waarom de NOS in de aanvang de verdachte met naam en toenaam wilde noemen).

Update 27 augustus (2): Het blijkt maar weer hoe ontzettend moeilijk het is om genuanceerd te blijven. Zojuist op NOS Teletekst: “… in samenwerking met een team van de Nederlandse politie dat voortvluchtige criminelen opspoort.” De nu aangehouden verdachte was niet voortvluchtig en (nog) geen crimineel. Ik blijf iedereen aansporen om zorgvuldig te blijven en het nieuws te formuleren vanuit het beginsel dat iedereen onschuldig is tot het tegendeel is bewezen.

 
Rik Konincks
Zoon | Vader | Consultant | Trainer | Coach | Constellator
Nocturlabium | Systemisch Bekeken | Bijzondere Gesprekken

Systemisch politiek bedrijven, eenvoudig is anders [5 en slot]

Ruim twee maanden geleden waren de Gemeenteraadsverkiezingen, en nadat het stof van de uitslagen was neergedaald, zijn de verschillende gemeenten informateurs aan de slag gegaan, gevolgd door formateurs. En in veel gemeentes zijn inmiddels de coalities gevormd en zijn de raadsleden en de colleges geïnstalleerd. Aan de slag!

Als we blijven doen wat we altijd hebben gedaan, dan krijgen we wat we altijd hebben gekregen. Dat geldt voor mij als burger, dat geldt door de dames en heren politici, of ze nu in de raad zitting hebben, of in het college. Dat geldt voor oppositie en coalitie. Zonder verandering blijft alles bij het oude.

Er is echter wel één verschil. En dat verschil is alleen te zien als we iets meer afstand nemen. Als we willen kijken op een iets andere schaal, over een iets langere periode. Wat we dan zullen zien is dat al die verschijnselen die we in en om de politieke arena kunnen waarnemen “heftiger” worden. Het taalgebruik verruwt. De scheiding tussen wij en zij wordt harder en scherper. Onderwerpen die eerder vanuit moreel oogpunt niet werden besproken, komen nu wél naar boven. Het respect voor de ander inclusief zijn of haar opinies lijkt te verdwijnen.

Politiek bedrijven verandert, en niet altijd in goede zin. Politiek bedrijven verschuift van het werkelijke debat, waarin we hoor en wederhoor toepassen, visies over onderwerpen met elkaar delen, het geheel een stap verder brengen, door door te bouwen op het voorgaande, naar het uitwisselen van vaste, vastgeroeste, standpunten, zonder werkelijk te luisteren naar wat de ander te zeggen heeft.

Systemisch gezien komen al die dingen die we niet  willen zien, niet willen horen, wegduwen, onderdrukken, via een achterdeur en op een moment dat we niet verwachten terug. Harder en krachtiger. Dat gebeurt op kleine schaal én op grote schaal. Dat gebeurt in het privé leven van mensen, maar ook in organisaties. Én dus ook in de politiek.

IJslandEr zijn verschillende manieren om dat patroon te doorbreken. Op zichzelf voldoende voer voor een hele serie blogs. De eerste manier van het doorbreken van het patroon is het Oplossen van dat wat het patroon veroorzaakt. De tweede manier is het verkrijgen van Inzicht in dat wat het patroon veroorzaakt.

De derde manier is spannender. En die vraagt durf. Lef. Die andere manier noemen we Transformatie. Die vraagt om alles wat er is onder ogen te zien, lief te hebben en los te laten. Alles. Zowel je eigen beelden, meningen, loyaliteiten, als die van de ander. Die vraagt om sociaal én liberaal te zijn en los te laten. Om confesioneel te zijn én populistisch en los te laten. Die vraagt om je zelf én de ander op te heffen. Zonder dat je weet wat daarna komt. 

Persoonlijk lijkt me die derde manier, de Transformatie, wel een mooie uitdaging. Spannend. Uitdagend. Vernieuwend. Politiek opnieuw uitvinden. Omdat daaronder het gevoel schuilt dat me vertelt dat doorgaan met de politiek “as we know it” mij, ons niet verder zal brengen. Andere tijden vragen andere manieren van politiek bedrijven.

Re-thinking Politics…

Nog niet zo lang geleden was ik bij een tweedaags seminar over ziekte, gezondheid en gezondheidszorg. Samen met zo’n 250 deelnemers zoeken naar transformatieve impulsen voor gezondheid en gezondheidszorg. Re-thinking Healthcare. Tijdens dat seminar zei een van de inleiders dat “more important than wanting to be part of the solution, is to accept that we’re part of the problem.”

Wanneer je dat paradigma los laat op de politieke arena, en op de onderwerpen die daar aan de orde zijn, breekt het zweet  me uit. Want dan komen er een hoop “politiek incorrecte” standpunten, meningen, visies voorbij. Die ik graag als een probleem wil beschouwen. Omdat dat politiek correct is. Maar ook dat ik wellicht moet accepteren dat ik deel van het probleem ben…

Tijd om de politiek opnieuw uit te vinden. Tijd voor Re-thinking Politics.

 

Rik Konincks

 Zoon | Vader | Consultant | Trainer | Coach | Constellator

Nocturlabium | Systemisch Bekeken | Bijzondere Gesprekken