Ongemakkelijk…

Meestal dient een onderwerp om over te bloggen zich duidelijk aan, en is dat onderwerp “ruim” genoeg om een hele blog aan te wijden. Nu dienen zich twee onderwerpen aan waarvan ik de behoefte voel om daar vandaag over bloggen. Gevolg: Het worden twee korte overwegingen. Wellicht dat in de toekomst ze beiden (of een van beiden, dat kan natuurlijk ook) uitgroeien tot een volledige en volwaardige blog. Wie zal het zeggen…

Het grote (Ver)Oordelen…

Al geruime tijd hebben we last van corona, en alles wat daarbij hoort. Alles, of althans veel, waarvan we dachten dat normaal was staat op losse schroeven. We worden opgeroepen om anderhalve meter afstand te houden. Om indien het niet nodig is om naar buiten te gaan thuis te blijven. We worden gevraagd om in de elleboogplooi te hoesten. Om niet samen boodschappen te doen. En dat gaat ons allemaal redelijk goed af. Ook al is het prettiger om wel samen te zijn, om te leven zonder beperkingen, we rooien het samen behoorlijk goed. Dat vinden we niet alleen zelf, dat vinden óók de veiligheidsregio’s, de minister-president, het RIVM, en op Koningsdag vindt ook de Koning dat!

Blijkbaar hebben we behoefte aan een beoordeling en een oordeel. Een van de prinsessen zegt over haar vader en moeder, over de Koning en de Koningin dat het goede ouders zijn. Het bestaan van het oordeel stellen we op prijs. Zouden we ook kunnen leven als het antwoord van de prinses uit zou blijven?

Als ik ’s ochtends op de fiets stap om naar het verpleegtehuis te gaan, dan is het over het algemeen nog rustig op straat. De meeste mensen zijn dan nog bezig met andere dingen en doen dat gewoon thuis. Als ik 8 uur later wéér op de fiets stap en naar huis ga, dan is het, ook over het algemeen, een stuk drukker op straat. En in de twee parken waar mijn route huiswaarts daarheen loopt kom ik kleine groepjes mensen tegen, die samen een wandeling maken, samen hardlopen, samen in het gras zitten, samen op een bankje een (goed) gesprek voeren, die gewoon samen zijn.

En dan gebeurt er iets raars in mijn hoofd. En ik ben daar geloof ik niet heel erg blij mee…

Ik begin te oordelen. Ik begin een oordeel te vellen over al die andere mensen die ik tegen kom. Ze zijn te dicht bij elkaar, ze zijn met teveel, ze houden zich niet aan de regels, ze zijn onnodig buiten enzovoorts. De Corona-Politie doet zijn intrede in mijn hoofd.

Blijkbaar vind ik dat ik het recht heb om de ander te beoordelen en te veroordelen. Dat doet zich overigens niet alleen op straat voor, ook als ik het nieuws volg, af en toe een talkshow bekijk, een bijdrage op Facebook of LinkedIn lees, dan merk ik diezelfde nijging op. Ik weet het beter. En dat is nog een vrij onschuldige variant, want soms gaat dat beter weten ook gepaard met boosheid en krachttermen.

Ik weet ook heel goed dat ik het helemaal niet beter weet. Ik weet heel goed dat het mijzelf beter, groter, sterker maken dan dat ik in werkelijkheid ben, een veelvoorkomend patroon is, en dat ik daar helemaal niet uniek in ben. En ik weet ook dat het patroon twee varianten kent: [1] Ik plaats mijzelf boven de ander en [2] er is een vacuüm waar ik in wordt gezogen. In het eerste geval ben ik degene die de actie onderneemt, maak ik bij groter, beter, sterker. In het tweede geval laat ik me door de situatie op een plaats zetten. Maar ook dan laat ik toe dat ik word ingezogen in het vacuüm. In beide gevallen weet ik het beter, ben ik groter of sterker. Maar ook in beide gevallen is het maar helemaal de vraag of dat werkelijk zo is.

Het blijft ongemakkelijk…

Gewoon doodgaan van ouderdom is ongemakkelijk…

Als je ergens aan begint weet je ook een ding zeker. Je zult er ook een keer mee ophouden. Als je geboren wordt, en het leven een aanvang neemt, weet je ook zeker dat het leven een keer zal eindigen, dat je dood zult gaan. Niets is voor eeuwig.

Het is voor velen van ons, en dus ook voor mij, lang niet altijd eenvoudig om te dealen met de eindigheid van dingen die we graag voor eeuwig bij ons zouden willen hebben en houden. Nu al weer zeven jaar geleden overleed mijn vader en en ontdekte ik dat dat niet hoorde. Bij de buren gaan mensen dood, maar niet mijn vader. Die heeft het eeuwige leven. Dat is natuurlijk niet zo, maar dat is wél zoals ik dacht.

Met mijn vrouw heb ik de afgelopen regelmatig gesproken over dit thema. Omdat nu, in tijden van corona, de dood wat dichterbij lijkt te zijn dan onder normale omstandigheden. Ze reikte mij een bijzonder boeiend artikel aan: Een verwacht overlijden op hoge leeftijd of een coronadode? door Dr. E. Kompanje. Een reden om er nog eens over na te denken. Een reden om dit deel van de blog te schrijven…

In het verpleeghuis waar ik werk wonen mensen die zich én in de laatste fase van hun leven bevinden, én die door allerlei oorzaken een wat zwakkere gezondheid hebben. Dat komt negen van de tien keer gewoon omdat ze oud zijn. De gemiddelde leeftijd van de dames en heren waar ik mee te maken heb ligt ruim boven de 80 jaar. En het logische gevolg hiervan is dat er binnen die groep wat meer dan gemiddeld mensen overlijden. Such is life…

Maar het lijkt ook dat we maar moeilijk kunnen omgaan met die natuurlijke eindigheid van het leven. En als ik we schrijf dan is dat natuurlijk inclusief mijzelf. Want niets menselijks is mij vreemd. Gewoon doodgaan van ouderdom is niet goed genoeg meer. Daar hebben we geen vrede mee. En dus gaan we dood aan een longontsteking, aan een griep, aan hartfalen. Aan een virus. Aan corona.

Natuurlijk is het het voor de nabestaanden van al die mensen die nu overlijden aan de gevolgen van corona naar. Maar het zijn wél de mensen die qua leeftijd aan de beurt zijn om te overlijden. Gemiddeld worden we zo’n jaar of 80. En de mensen die nu aan corona overlijden zouden waarschijnlijk nu ook of anders overlijden aan een longontsteking, aan een griep, een verkoudheid, aan hartfalen. Ze overlijden aan de gevolgen van ouderdom.

Mijn schoonvader is iemand die, zoals mijn vrouw het laatst noemde het eeuwige leven heeft, maar nu naar alle waarschijnlijkheid toch en binnen afzienbare tijd zal overlijden. Hij voldoet aan alle criteria. Hij leeft al zo’n jaar of tien in blessuretijd en heeft heeft een zwakke gesteldheid. Hij heeft een paar dagen in het ziekenhuis gelegen. Zonder corona, maar mét een longontsteking. Zijn hart is niet meer je van het. En het geheel is te zwak om er nog iets aan te doen. Het is nog een kwestie van tijd voordat hij het tijdelijke met het eeuwige zal verwisselen. En dus is hij in het ziekenhuis niet meer op zijn plaats en is nu thuis. De palliatieve fase is ingegaan. Een fase waarin de thuiszorg om hem heen een super prestatie levert, om de laatste fase zo aangenaam mogelijk te laten zijn. Niet alleen voor hem, maar ook voor zijn vrouw, voor zijn kinderen, kleinkinderen en voor de schoonfamilie. Als het straks zo ver is niet minder verdrietig voor zijn vrouw, voor kinderen en kleinkinderen. En ook ik zal hem straks missen. Maar het eindresultaat is duidelijk. Nu al.

Wat straks rest is de herinnering aan zijn leven. En aan de vraag waarom het toch zo moeilijk is voor ons om iemand gewoon dood te laten gaan. Om dood gaan toe te staan. Om de dood binnen te laten.

Omdat hij gewoon oud is. En omdat het nu de tijd is.

Rik Konincks

Zoon | Vader | Grootvader | Schoonvader | Echtgenoot

Blogger | Trainer | Coach | Master Opsteller |

Begeleider van en Zorgverlener voor ouderen

The More Things Change…

De afgelopen twee weken hebben, hoe ik het ook wend of keer, in het teken gestaan van Leven een Dood in tijden van Corona. Ik heb daar in verschillende blogs geschreven over mijn ervaringen, zowel privé als ook zakelijk. Deze blogs vertelden een verhaal over zekerheid en onzekerheid, over testen en uitslagen, over stilstaan en aan de slag gaan.

Vandaag wil ik iets vertellen over hoe de dood om zich heen grijpt, om mij heen grijpt en hoe hij (of zij) mij en ons in een wurggreep houdt. En hoe de dood zich verhoudt tot de andere kant van die zelfde medaille, het leven.

Zes weken geleden…

Het zat er al een paar maanden aan te komen, maar op 1 maart was het zover. Mijn eerste kleindochter werd geboren. En wonderlijk is het dan hoe van het ene op het andere moment ook het leven van een grootvader verandert.

Kort daarna overleed een van mijn naasten. En ook al was zij al een tijd lang niet meer een directe naaste, ze was er wel en ze was het wel. En dat was ook direct het eerste moment dat corona en alles wat daarbij hoorde ingreep in het, mijn, ons leven. Want ook al weet je heel precies dat het zo is, het is wel een bijzondere belevenis (en dat is een understatement) als de groep waarmee je afscheid neemt in omvang wordt beperkt, want niet meer dan 30 aanwezigen bij de begrafenis, en een fysieke afstand van anderhalve meter tussen die kleine groep aanwezigen.

Drie weken geleden…

En dan word je ziek, krijg je klachten die zich lijken te verhouden tot corona en COVID-19, en omdat ik in de zorg werk word ik naar huis gestuurd. Een week later getest en goedgekeurd en sinds afgelopen maandag weer aan de slag. Ik ontdek dat het bestaat dat je, in afwachting van de uitslag, volledig tot stilstand kunt komen. Om daarna ook weer in beweging te komen. Stilstand en beweging zijn ook twee kanten van de zelfde medaille.

Twee dagen geleden…

Om half acht ‘s-ochtends stap ik op de fiets, kom aan in het woonzorgcentrum, begin met koffie te zetten en een ontbijt klaar te maken voor de eerste vroege bewoners. Collega’s zijn aan de slag om de zorg te verlenen aan de verschillende bewoners. Van een van hen weet ik dat die zich de afgelopen dagen niet lekker voelde en in bescherming werd verpleegd.

Het wordt kwart voor negen. Mijn teamleider belt. Hoe het met me gaat. “Prima” geef ik aan, lekker bezig. Ik krijg het verzoek om mijn werk bij andere bewoners en op een andere afdeling voort te zetten, omdat bij de bewoner waar ik eerder over sprak helaas toch corona was vastgesteld. Prima, dan ga ik naar boven, maar om te voorkomen dat ik nog dezelfde dag een mogelijke besmetting mee neem naar een andere afdeling is de “opdracht” om vandaag naar huis te gaan, en morgen op de andere afdeling te beginnen. In opdracht van je leidinggevende niet aan het werk gaan, ook twee kanten van de zelfde medaille.

Eerste Paasdag…

Ik ben al 6 weken grootvader. En zowel ik, mijn vrouw, mijn dochter en schoonzoon willen elkaar toch graag, met inachtneming van de anderhalve meter ontmoeten. We hebben nog iets af te leveren, als geschenk van ons aan onze kleindochter. En daarom spreken we af om het nuttige en het aangename met elkaar te verenigen, te genieten van het mooie weer en elkaar en een heerlijke wandeling te maken. Anderhalve meter, dat is voor nu even het dichtste bij dat we bij elkaar kunnen komen. Een knuffel op afstand. Ook twee kanten van een medaille.

Terwijl mijn vrouw samen met mijn schoonzoon en onze kleindochter zo’n 100 meter voor ons wandelen, verdiept het gesprek tussen mij en mijn dochter zich. Nu gaat het jullie niets aan want het was en is een echt gesprek tussen vader en dochter, toch was er ook een inzicht dat ik wél graag wil delen.

“Wij kunnen het ons herinneren…” zegt mijn dochter zacht en warm, terwijl ik de brok in haar keel hoor en voel. “Wij kunnen het ons herinneren dat er een tijd was dat je elkaar kon vasthouden. Dat je genegenheid kon zoeken én vinden bij elkaar. Dat je heel dicht bij elkaar samen blij kon zijn. Wij kunnen ons dat herinneren”

“Ja” reageerde ik, zonder veel meer woorden. “Maar”, ging mijn dochter verder “zij…” terwijl ze wees naar mijn kleindochter in de wandelwagen zo’n 100 meter voor ons, “zij groeit nu op in een wereld waar die herinnering er niet is. En dat maakt me verdrietig…”

“Ja…” reageerde ik weer, zonder veel meer woorden.

Ik wilde haar zo graag vasthouden. En zo graag warmte, genegenheid en troost bieden. Dichterbij zijn dan anderhalve meter afstand.

In stilte liepen we verder, achter de rest aan. Om verderop een moment te vinden om even tot rust te komen.

…The More They Stay The Same.

In de afgelopen dagen heb ik met regelmaat aan die verschillende kanten van de zelfde medaille teruggedacht. Heb ik ontdekt, gevonden, me gerealiseerd dat, ook in een anderhalve meter samenleving, er nog steeds dezelfde verhoudingen zijn. Het gaat nog steeds over de vraag waar je vandaan komt en waar je naartoe beweegt. Het gaat nog steeds over de vraag wie je bent en waar je bij hoort. Het gaat nog steeds over de vraag welke plaats je inneemt. Over de vraag wat je neemt en geeft. Dat is niet anders als de nabijheid nu wat minder in afstand wordt uitgedrukt. Dat is niet anders als het op anderhalve meter afstand is.

Rik Konincks

Zoon | Vader | Grootvader | Schoonvader | Echtgenoot

Blogger | Trainer | Coach | Master Opsteller |

Begeleider van en Zorgverlener voor ouderen

Pareto en Dubbel-Pareto. Waarom focus belangrijk is (en waarom we dat tóch niet doen)

Al weer heel wat jaren geleden (ik denk ruim 45 jaar als ik eerlijk ben) hoorde ik voor het eerst over het Pareto-principe (of in het algemene spraakgebruik: de 80-20 regel). Het principe stelt dat gemiddeld 20% van de inspanningen goed zijn voor gemiddeld 80% van het resultaat.

ParetoVoorbeelden zijn er te kust en te keur. In veel bedrijven is te zien dat 20% van de productie goed is voor 80% van de omzet. Apple is zo’n mooi voorbeeld waarbij zo’n 80% van de omzet wordt geleverd door slechts één product: de iPhone. Bij Google gebeurd iets vergelijkbaars.

Kort geleden leerde is dat je het Pareto-principe ook prima 2 keer kunt toepassen. Je krijgt dan Dubbel-Pareto, en de uitkomsten zijn dan misschien nog schokkender…

Stel je voor:

In een onderneming worden 25 producten gemaakt en verkocht. Op basis van het Pareto-principe is 20% van deze 25 producten goed voor 80% van de omzet. Kortom, 5 producten zorgen voor 80% van de omzet.

Van deze 5 producten, die goed zijn voor 80% van de omzet, is weer 20% verantwoordelijk voor 80% van de omzet van deze 5 producten. Één product. Dat ene product is goed voor 80% van 80% van de totale omzet. Dus voor 64% van de totale omzet. En de overige 24 producten leveren “slechts” 36% van de omzet op.

Focus

Op basis van Pareto en Dubbel-Pareto is vrij eenvoudig vast te stellen dat het voordelig is om focus aan te brengen. Immers, waar 1 product in het gegeven voorbeeld goed is voor 64% van de omzet, zijn ieder van de overige producten slechts goed voor 1,5% van de omzet. Het is ruim 42 keer interessanter (64 gedeeld door 1,5) om focus aan te brengen op één product dan de aandacht te verdelen over veel verschillende producten.

Waarom we niet focussen en hoe Darwin ons daarbij kan helpen

Tot zover Pareto. Wat mij bijzonder boeit is de vraag waarom we in ons dagelijks leven (zowel zakelijk als prive) desondanks toch wat anders doen. Wat maakt dat we het in de praktijk aantrekkelijker vinden om aandacht te verdelen dan om focus aan te brengen, ook al zijn de voordelen van het laatste overduidelijk?

DarwinEen vriendin van al weer wat jaren gelden vertelde me ooit dat in haar familie een bijzonder groot aantal Darwinisten rond loopt. We spraken regelmatig over Darwin en een van zijn bevindingen: Verschijnselen blijven bestaan als ze nuttig zijn voor het overleven van de soort (niet het individu). Verschijnselen houden op te bestaan als ze niet meer nuttig zijn voor het overleven van de soort, of wanneer er een ander verschijnzel is dat nuttiger is.

Waarom is het “voordelig” om een gebruik – in dit geval het niet-focussen – in stand te houden? Want als het niet voordelig zou zijn, als het geen nut zou hebben, dan zou de toepassing van de principes van Darwin er (al lang) voor gezorgd hebben dat we dat niet meer zouden doen. Niet-focussen moet dus wel nuttig zijn. Het moet voordeel hebben. Of in economische termen: De ROI van niet-focussen moet groter zijn dan de ROI van focussen.

Problemen zijn Oplossingen

Op basis van Pareto en Dubbel-Pareto zou je mogen vaststellen dat – economisch gezien – het niet-focussen een Probleem is. Immers, focussen is veel efficienter en goed voor 64% van de omzet in ons voorbeeld. Maar tegelijkertijd zien we overal om ons heen het omgekeerde gedrag van niet-focussen. En als gevolg van Darwin moet niet-focussen dus een ROI hebben die groter is dan die van wel-focussen.

Ergo, niet-focussen is niet het probleem, het is – omgekeerd – juist de oplossing! En oplossingen zijn aantrekkelijk. Oplossingen zijn nuttig. Oplossingen hebben een voordeel. En daarom bestaan oplossingen. Daarom bestaat niet-focussen. Omdat het aantrekkelijk is. Of, iets genuanceerd, aantrekkelijker van wel focussen.

Ik mag niet succesvoller zijn dan mijn voorganger

Ik maak nu een kleine uitstap naar een andere wereld. De wereld van de Systemische Fenomenologie. Zonder me in details en uitwijdingen te verliezen een paar in dit kader relevante bevindingen uit deze wereld.

  • Systemen zijn [1] het geheel van de samenstellende delen, [2] de relaties tussen die delen en [3] de interacties tussen die delen.
    • In Families: [1] de verschillende leden van de familie, [2] de verhoudingen daar tussen – zoon van, vader van, partner van en [3] de veranderingen – geboorte, dood, huwelijk, echtscheiding etc.
    • In Organisaties: [1] Afdelingen, teams, aandeelhouders, financiers, klanten etc., [2] teamleider, directeur, medewerker etc., en [3] fusie, overname, faillisement, oprichting etc.
  • Systemen hebben tot doel te overleven. De delen van het systeem zijn daaraan ondergeschikt. Het overleven van de kudde gaat vóór het overleven van een enkele antilope.
  • Om te overleven bestaan drie principes: Erbij horen of Insluiten. Je Plaats innemen of Ordenen. Balans in nemen en geven of Uitwisselen. Ieder van deze principes kent ook een tegenhanger. Uitsluiten staat tegenover Insluiten. Chaos staat tegenover Orde. Diefstel staat tegenover Uitwisseling.

Een manier om te zorgen dat je onderdeel blijft uitmaken van de familie of van de organisatie waar je onderdeel van bent is er voor te zorgen dat je niet afwijkt. Niet boven het maaiveld uitsteekt. Want wél opvallen, je hoofd wél boven het maaiveld uitsteken, plaats je buiten de familie. Buiten het team. Buiten de kudde. En dat is – in het licht van het streven naar overleven – gevaarlijk.

Niet opvallen is veiliger dan wél opvallen. Niet succesvol zijn is veiliger dan wél succesvol zijn. En omdat focussen zorgt voor méér succes is dat onveilig. Focussen zorgt voor meer bedreiging. Focussen maakt de kans op overleven kleiner.

Dus zorgen we er voor dat we niet succesvoller zijn dan onze vader of grootvader. Onze collega. Onze voorganger.

Pareto en Dubbel-Pareto zijn economisch gezien wel waar, maar zijn ze slechts een deel van de vergelijking. En – wellicht – is Systemisch Fenomenologisch kijken wel het andere deel.

 

Rik Konincks
Zoon | Vader | Echtgenoot
Consultant | Trainer | Coach | Opsteller | Mantelzorger | Postbezorger

Je Geld of Mijn Leven. Mag dat? Kan dat?

Een paar dagen geleden zond de EO een programma uit onder de titel Je Geld of Mijn Leven. Zonder het programma en de mensen die het betreft werkelijk recht te doen, ging het in dat programma om een crowdfundingsactie om voor 4 mensen geld bij elkaar te brengen voor een behandeling die niet in Nederland beschikbaar is, maar wel in het buitenland en tegen forse kosten. Op het moment dat ik deze blog schrijf, 2 dagen na de uitzending, zijn inmiddels 2 van de 4 doelen gehaald. De resterende 2 crowdfundingsacties staan nog open. 

Het programma, dat ook een item was in DWDD aan het begin van de avond, houdt me al een paar dagen in een soort wurggreep. En de kern van die wurggreep, die gijzeling, is de vraag wat ik er eigenlijk van vind. Kan en mag ik het niks vinden? Kan en mag ik bewust besluiten niet deel te nemen aan de actie? Of is dat politiek en menselijk niet correct?

Hieronder zo wat van mijn overwegingen…

Binnenland en Buitenland

Het zorgverzekeringsbestel zoals we dat in Nederland kennen is gebaseerd op de Nederlandse situatie. In de zorgverzekeringen nemen we de elementen op waarvan we, op democratische wijze gestoeld, samen vinden dat die voor een gezamenlijke vergoeding in aanmerking komen. Iedereen levert zijn bijdrage, en dan heeft ook iedereen “recht op zorg”. In de regels, waar we gezamenlijk voor verantwoordelijk zijn, hebben we vastgelegd dat de kosten niet voor (gezamenlijke) vergoeding in aanmerking komen wanneer een buitenlandse reis wordt gemaakt met als doel het ondergaan van een medische behandeling. In de situaties die in het programma aan de orde zijn worden buitenlandse reizen voorzien met als doel het ondergaan van een medische behandeling. Geen vergoeding dus. Maar is er in een globale wereld nog wel sprake van binnenland en buitenland?

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Publiek en Privaat geld

Het staat iedereen natuurlijk vrij om dan de kosten zelf te dragen. De een koopt een TV, de ander koopt zijn gezondheid. Waar het bij mij wringt is echter de ondersteuning van mensen, die blijkbaar niet in staat zijn om de kosten zelf te dragen, door de publieke omroep en met publiek geld.

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Een, twee, veel

Waar de schoen ook wringt is de keuze van 4 mensen. Waarom niet 2 of 5? Of 17? Er zijn veel meer mensen waarvoor geldt dat er in Nederland geen behandeling (meer) mogelijk is, maar wel in het buitenland. Zijn de 4 mensen die de EO heeft geselecteerd – vergeef me de woordkeus – zieliger? Of media-genieker? Passen zij in het wereldbeeld van de EO? En anderen niet? Heeft de EO ook nagedacht over mensen met een andere huiskleur? Een andere politieke of etnische achtergrond? Een andere sexuele geaardheid?

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Bewust of zomaar

En het wringt nog even door. Waarom zijn de behandelingen die wél in het buitenland beschikbaar zijn, maar (nog) niet in Nederland, dat (nog) niet in Nederland? Is dat wellicht omdat de behandelingen nog in een experimenteel stadium zijn? Weten we al wat de effecten van deze behandelingen op de langere termijn zijn? Ik veronderstel dat deze behandelingen (en zo zijn er nog meer) niet of nog niet in het pakket van zorgverzekeringen is opgenomen met een goede reden, en niet zomaar.

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Een voor allen, allen voor een

Er is een flinke hoop geld beschikbaar als je de mensen een gezicht geeft. Voor 1 van de mensen die onderwerp zijn van het programma wordt gezocht naar € 205.000. Binnen 2 dagen is dat bedrag bereikt. Voor een ander wordt € 90.000 gevraagd. Ook binnen 2 dagen regeld. Voor nummer 3 zoekt men naar € 196.000 waarvan al € 140.000 binnen is. Voor nummer 4 gaat het om € 107.000 waarvan de teller staat op € 87.000. Bij elkaar zoekt het programma, voor 4 mensen naar ongeveer € 600.000. En “as we speak” is daarvan bijna 90% binnen. Na 2 dagen.

En op het zelfde moment klagen we steen en been over de stijging van de kosten van de gezondheidszorg. Vinden we het niet kunnen dat de premies voor de zorgverzekeringen volgend jaar weer omhoog gaan. Vinden we er wat van als een zorgverzekeraar besluit om een aantal behandeling uit het pakket te verwijderen omdat er mensen zijn die niet willen meebetalen aan een behandeling waar ze niet in geloven. Waarom kunnen we niet alle met de 4 “onderwerpen” van het programma zoals we die in Nederland kennen “gewoon” onder de dekking van de zorgverzekeringen laten vallen? Als we zonder blikken of blozen in 2 dagen tijd 4 mensen kunnen helpen, dan moet het toch mogelijk zijn om dat voor veel meer mensen te doen?

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Regulier of Alternatief

En nu we het daar toch over hebben, hoe zouden we het vinden als we een crowdfundingsactie op poten zetten om iemand een behandeling “doormiddel van “rebirthing” te laten ondergaan. Los van wat ik daar van vind, het is een behandeling waar misschien wel vinden mensen vinden dat dat maar onzin is. Zijn wij zo goed geinformeerd dat we van alle behandelingen kunnen vaststellen of dat zinvol of niet is? En als ik dat dan niet zinvol vind, past mijn zorgverzekeraar dan ook mijn premie aan en hoef ik daar niet de solidariteitsbijdrage (de basis van iedere verzekering) voor te betalen?

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Leven en Dood

Mij bekruipt me het gevoel dat we het leven en alles wat daarbij hoort, reduceren tot geld. Tot een bedrag. Een bedrag dat hoger of lager is. Dat we individueel wel of niet kunnen opbrengen. Maar we gaan voorbij aan dat wat óók bij het leven hoort. Dood gaan. Waarom geven we wél (veel) geld uit aan één deel van het leven, maar doen we dat niet of veel minder makkelijk met dat andere deel. Waarom organiseren we wél crowfundingsacties voor 4 mensen met als doel het leven te verlengen of de kwaliteit van leven – “whatever that might be” –  te verhogen en doen we dat niet voor mensen waarvan het leven voltooid is, het lijden ondraaglijk, of gewoon omdat dat we wens van iemand is.

Ik weet niet wat ik daar van vind. En ik heb er geen antwoord op.

Kerstboom en Kalkoen

Uiteindelijk gaat het steeds over het maken van keuzes. Kies ik voor dit (een nieuwe auto, een nieuwe TV, een grotere kerstboom, een hele kalkoen) of kies ik voor dat (de zorg voor anderen, de zorg voor mijn naasten, de zorg voor vrede en veiligheid). Over die keuzes, over de vraag waarom ik ze zo maak en iemand anders een ander pad in slaat, daar zou ik het de komende donkere dagen voor kerstmis wel eens met elkaar over willen hebben. Om vanuit “intrinsieke nieuwsgierigheid” te leren en te luisteren van en naar anderen. Om in tijden van duisternis en donkerte wat licht te laten schijnen. Zonder de andere mening neer te sabelen, te verketteren, af te doen als onzin.

Moeilijke gesprekken (niet) uit de weg gaan

Heather Plett schreef hierover “The capacity for having difficult conversations may be the most crucial competency we need in the world right now. I don’t know how else we’ll get past these huge challenges unless people with the emotional intelligence to be in messy conversations (without needing to defend their wounded emotions and/or claim power over others) step forward and lead the way. And by lead, I don’t mean a power-based leadership model, but rather one of humility and consciousness.”

“Het vermogen om moeilijke gesprekken te voeren, is misschien wel de meest cruciale competentie die we op dit moment nodig hebben. Ik weet niet hoe we anders voorbij deze enorme uitdagingen komen tenzij mensen met de emotionele intelligentie in rommelige gesprekken zitten (zonder hun gewonde emoties te hoeven verdedigen en/of macht over anderen te claimen) vooruit stappen en ze de weg leiden. En met leiden bedoel ik niet een op macht gebaseerd leiderschapsmodel, maar eerder een van nederigheid en bewustzijn.”

Misschien nog wat aan de vroege kant, maar desalniettemin: Ik wens iedereen fijne feestdagen, en een heel goed 2019.

Rik Konincks
Zoon | Vader | Echtgenoot
Consultant | Trainer | Coach | Opsteller | Postbezorger
Nocturlabium | Systemisch Bekeken | Bijzondere Gesprekken

Afscheid nemen van wat voor eeuwig is

Begin oktober was ik jarig. Veel bezoek van veel vrienden en familie. Op voorhand was al bekend dat mijn kinderen jammer genoeg niet aanwezig zouden kunnen zijn omdat ze al eerder andere afspraken hadden gepland. Maar via social media, WhatsApp en telefoon hebben we wel contact met elkaar gehad, en de gebruikelijke felicitaties uitgewisseld en in ontvangst genomen.

“En hoe is het bij jou?” vroeg ik mijn oudste dochter. Het duurde even voordat ze kon antwoorden. “Het gaat…”. En daarna kwam met hoge woord eruit. Lianne, de moeder van mijn kinderen, waarvan bekend was dat ze ernstig ziek was, had afgelopen week de boodschap gekregen dat de situatie ernstig was achteruitgegaan. Voor zover mij bekend is de ultieme boodschap (nog) niet uitgesproken, maar mijn gevoel gaf aan dat rekening moet worden gehouden met overlijden op korte termijn. Natuurlijk gaan de artsen nog aan de slag om het maximale te doen, maar toch…

Lianne was bij de geboorte van de kinderen mijn vrouw. Een aantal jaren later was dat niet meer het geval. Maar ze blijft – natuurlijk – voor eeuwig de moeder van mijn kinderen. Net zoals ik voor eeuwig hun vader zal zijn. En daarmee zijn wij ook eeuwig met elkaar verbonden. En dus grijpt de boodschap, ook al is Lianne niet meer mijn vrouw, mij aan.

Gezinnen zijn onderdeel van Families. En Families bestaan uit samenstellende delen én uit de “draden” die die verschillende delen met elkaar verbinden. De samenstellende delen, samen met de draden vormen het Familiesysteem. En over zo’n Familiesysteem zijn verschillende dingen te zeggen, vragen te stellen en, waar mogelijk te beantwoorden.

In een systeem hoort iedereen erbij…

In eerste instantie zijn Familiesystemen redelijk rechttoe, rechtaan. Iedereen heeft een vader en een moeder. En die hebben ook ieder een vader en een moeder. Traditioneel zijn ouders “in de echt verbonden”, en ze zijn dat “tot de dood hen scheidt”. Ook traditioneel worden soms “buitenechtelijke kinderen geboren. Je zou in dat geval kunnen zeggen dat de beide ouders een “betekenisvolle relatie” hebben gehad. Immers, hoe zou je het krijgen van kinderen niet betekenisvol kunnen noemen?

Wat vroeger ook gebeurde, maar wat tegenwoordig meer gemeengoed is, is dat huwelijken, waarbinnen de kinderen zijn geboren, niet meer voor eeuwig zijn, tot de dood hen scheidt, maar dat de beide echtelieden al eerder zélf het huwelijk beëindigen. Maar hoe dan ook, en om welke reden dan ook, de ex-echtelieden blijven de ouders van hun kinderen. En daarmee blijven ze ook beiden deel van het Familiesysteem. En hoe ik er zelf ook tegenaan wil kijken, of van weg zou willen kijken, waarschijnlijk binnenkort is er sprake van een overlijden in mijn Familiesysteem…

In een systeem heeft iedereen zijn plaats…

De “regels” van ordening zijn ook redelijk rechttoe, rechtaan. Ouders gaan voor kinderen, en eigen gaat voor vreemd. Maar wanneer er sprake is van een eerder huwelijk of een eerdere betekenisvolle relatie waaruit kinderen zijn geboren dan wordt het al weer iets complexer.

Ik ben later hertrouwd met Susanne. Maar in mijn Familiesysteem gaan mijn kinderen vóór mijn huidige vrouw. Dat wil niet zeggen dat mijn kinderen belangrijker zijn dan mijn vrouw, maar hun plaats in de ordening van het Familiesysteem is een andere.

Ook mijn eerdere echtgenote is onderdeel van het Familiesysteem, zoals ook mijn huidige vrouw dat is. En daarmee zijn ook zij verbonden.

In een systeem wordt genomen en gegeven…

Beschouw het lichaam als een systeem, en al snel is de vergelijking duidelijk. Door de ademhaling wordt genomen (inademing) en teruggegeven (uitademing). Op een zelfde manier nemen de verschillende samenstellende delen van het Familiesysteem en geven ze ook weer terug. Dat wil zeggen, als het systeem in balans is. Wanneer meer wordt gegeven dan genomen, of andersom als meer wordt genomen dan gegeven is het systeem uit balans.

Een systeem kan ook uit balans raken als niet wordt gegeven wanneer dat wel aan de orde zou zijn, of wanneer niet wordt genomen wanneer dat wel aan de orde zou zijn. Iets achterhouden brengt een systeem uit balans.

In veel gevallen (maar niet altijd) is de oorzaak van het beëindigen van een huwelijk gelegen in een disbalans in nemen en geven tussen de partners.

Een systeem blijft in beweging…

Sommige (nieuwe) partners begrijpen uiterst goed hoe de verhoudingen binnen een systeem liggen. Die partners weten…

  • dat de eerdere partner altijd deel van het systeem van haar man of vrouw zal zijn en blijven, en dat dat goed is.
  • dat de eerdere partner altijd een plaats in het systeem zal innemen, en dat dat goed is.
  • dat de eerdere partner heeft genomen en gegeven, en dat dat goed is.

Ik mag de echtgenoot zijn van Susanne, iemand die dát begrijpt. En daar ben ik dankbaar voor.

Bij een naderend afscheid…

Het is goed om bij een naderend afscheid bij een paar – systemische – principes stil te staan.

  • Ook al is het niet meer mijn vrouw, Lianne is en blijft voor eeuwig de moeder van mijn kinderen. Ze hoort er voor eeuwig bij. En daar ben ik haar dankbaar voor.
  • Ook als is ze niet meer mijn vrouw, Lianne blijft altijd haar plaats houden. Pas als ze haar plaats van partner kan opgeven, is er ruimte voor mijn huidige vrouw. En daar ben ik haar dankbaar voor.
  • Ook als is ze niet meer mijn vrouw, Lianne heeft mijn kinderen gedragen en ze zijn uit haar geboren. Ze is de moeder van mijn kinderen. En daar ben ik haar dankbaar voor.

Over de doden niets dan goeds…

Het is wellicht een vreemd moment om nu de woorden “Over de doden niets dan goeds” op te schrijven. Lianne, de moeder van mijn kinderen is niet dood. Op het moment van schrijven van deze woorden leeft ze.

Het is echter voor mij het goede moment om ook die andere dingen te zeggen. Niet omdat ik mijn gram nog zou willen halen, of mijn gelijk. Maar om de “heelheid” te eren. De heelheid die er niet zou zijn als de moeilijke momenten die er zijn geweest, de verschillen van mening die we hebben gehad of de pijn die we elkaar ook hebben aangedaan, niet zouden benoemen. Door dat wat ook bij Lianne hoort weg te laten.

Het is niet nodig om de moeilijke momenten, de verschillen van mening of de pijn op te schrijven. Het is genoeg om te weten en te benoemen dat ze er zijn geweest. Door ze niet onder het tapijt te vegen, te bagatelliseren of te ontkennen, maar door ze te zien voor wat ze zijn, veranderen ze van goede of slechte herinneringen in gebeurtenissen die er bij horen. Die voor eeuwig onderdeel zijn van het systeem.

Ook al zal Lianne straks, op enig moment in de toekomst, niet meer levend zijn.

Doen wat gedaan moet worden…

En dan is het verhaal klaar. Klaar voor publicatie. Ik laat het lezen aan Susanne. Ik stuur het ook naar mijn kinderen met de vraag of zij het akkoord vinden om de blog te publiceren in de vorm en met de woorden zoals de blog nu is. Ik krijg (nog) geen antwoord.

Plotseling realiseer ik me dat ik zit te wachten op toestemming. Toestemming van iets of iemand anders. Toestemming om te doen wat gedaan moet worden. Niet door een ander maar door mij. Toestemming om “goed”, of “goed genoeg” gevonden te worden. Daarmee de verantwoordelijkheid die bij mij ligt over te plaatsen aan een ander. “Er wordt altijd een besluit genomen. De vraag is alleen of je hem zelf neemt” vertelde jaren geleden een directeur van een multinational waarmee ik in gesprek was.

Vandaag neem ik een besluit.

(Uit oogpunt van respect en privacy zijn de namen Lianne en Susanne gefingeerd. Al het andere berust op waarheid.)
Rik Konincks
Zoon | Vader | Echtgenoot
Consultant | Trainer | Coach | Opsteller | Postbezorger
Nocturlabium | Systemisch Bekeken | Bijzondere Gesprekken